
In de vorige blog vertelde ik over een cliënt die na een buikgriep jarenlang bleef worstelen met misselijkheid, buikpijn en angst rondom eten. Maar hoe kan dat eigenlijk? De infectie was immers allang verdwenen.
Om dat te begrijpen moeten we eerst kennismaken met iets bijzonders: het enterische zenuwstelsel. Simpel gezegd is dit het eigen zenuwstelsel van je darmen. Welkom bij deel 2 over de gut-brain axis!
Je tweede brein
Wist je dat je darmen beschikken over een eigen zenuwstelsel? Dit netwerk bestaat uit honderden miljoenen zenuwcellen en wordt daarom vaak het tweede brein genoemd. Dit darmbrein regelt zelfstandig allerlei processen zoals de darmbewegingen, de doorbloeding, de slijmproductie en delen van de spijsvertering. Die slijmlaag is belangrijk omdat zij de darmwand beschermt tegen schadelijke stoffen, ziekteverwekkers en ongewenste indringers. Maar het staat niet op zichzelf.
De snelweg tussen darm en brein
Je darmbrein staat voortdurend in verbinding met je hersenen via de nervus vagus, een belangrijke zenuwbaan die informatie in beide richtingen vervoert. Wat veel mensen niet weten, is dat een groot deel van deze communicatie vanuit de darm richting het brein verloopt. Je hersenen luisteren dus voortdurend naar wat er in je darmen gebeurt.
Het darmbioom: een verborgen orgaan
Naast het darmzenuwstelsel leeft er nog een complete wereld in je darmen: het darmmicrobioom. Biljoenen bacteriën helpen bij de vertering, ondersteunen het immuunsysteem, beschermen de darmwand en beïnvloeden zelfs het hormonale systeem en het zenuwstelsel van de darm. Ook wordt ongeveer 90% van de serotonine in het lichaam geproduceerd in en rondom de darm. Serotonine speelt een belangrijke rol bij stemming, slaap, pijnbeleving en darmbewegingen. Het darmbioom doet dus veel meer dan voedsel afbreken. Het beïnvloedt vrijwel het hele lichaam.
Wanneer het evenwicht verstoord raakt
Na een infectie, voedselvergiftiging, antibioticakuur, medicatie, slechte voeding of langdurige stress kan het darmbioom veranderen. Sommige bacteriën verdwijnen. Andere krijgen juist meer ruimte.
Hierdoor kunnen ontstekingsstoffen ontstaan. Een belangrijk voorbeeld hiervan zijn lipopolysacchariden (LPS). Deze stoffen bevinden zich in de buitenste celwand van bepaalde gramnegatieve bacteriën. LPS is op zichzelf niet per se slecht. Kleine hoeveelheden maken deel uit van de normale communicatie tussen bacteriën en het immuunsysteem. Problemen ontstaan vooral wanneer de darmflora uit balans raakt en de blootstelling aan LPS langdurig toeneemt. Dit kan gebeuren wanneer bepaalde bacteriën de overhand krijgen of wanneer grotere hoeveelheden bacteriën afsterven.
Het immuunsysteem kan hierdoor voortdurend geprikkeld raken, wat kan leiden tot laaggradige ontstekingen. Deze ontstekingsstoffen kunnen het darmslijmvlies beïnvloeden, signalen sturen naar het brein en bijdragen aan klachten zoals vermoeidheid, concentratieproblemen, stemmingswisselingen en een verhoogde gevoeligheid van het zenuwstelsel.
"Onderzoek laat zien dat een verstoord darmbioom wordt geassocieerd met een breed scala aan klachten en aandoeningen, variërend van darmproblemen en allergieën tot huidproblemen, auto-immuunziekten en neurologische klachten."
Dat is niet zo vreemd wanneer we bedenken hoeveel taken het darmbioom vervult. Bacteriën helpen niet alleen bij de vertering van voedsel, maar ondersteunen ook het immuunsysteem, beschermen de darmwand, produceren belangrijke stoffen en beïnvloeden zelfs het zenuwstelsel en de hormoonhuishouding. Wanneer de samenstelling van het darmbioom verandert, kunnen al deze systemen in meer of mindere mate worden beïnvloed.
Met andere woorden: als de bacteriën die mede verantwoordelijk zijn voor het goed functioneren van deze systemen uit balans raken, kan dat gevolgen hebben die veel verder reiken dan alleen de darm.
Bacteriën praten met elkaar
Misschien nog fascinerender is dat bacteriën voortdurend met elkaar communiceren. Dit proces heet quorum sensing.
Via signaalstoffen stemmen bacteriën hun gedrag op elkaar af. Ze bepalen samen wanneer ze groeien, zich verdedigen, stoffen produceren of biofilms vormen. Je kunt het vergelijken met een stad waarin bewoners voortdurend informatie uitwisselen. Zolang de communicatie goed verloopt, blijft het systeem stabiel. Maar wanneer de balans verstoord raakt, verandert ook het gedrag van de bacteriële gemeenschap.
De verborgen wereld van biofilms
Veel mensen kennen tandplaque. Dat witte laagje op tanden is een vorm van biofilm. Iets vergelijkbaars kan ook in de darmen ontstaan.
Een biofilm bestaat uit bacteriën die zich omringen met een beschermende slijmlaag, een soort schild waarin ze samenleven. Deze structuur kan voor een groot deel uit slijmachtige matrix bestaan en biedt bescherming tegen invloeden van buitenaf.
Binnen zo'n biofilm kunnen bacteriën zich anders gedragen dan wanneer ze vrij leven. Sommige worden moeilijker bereikbaar voor het immuunsysteem en kunnen laaggradige ontstekingen in stand houden.Daarnaast kunnen bepaalde bacteriën en de stoffen die zij produceren de beschermende darmwand aantasten. Hierdoor kunnen de verbindingen tussen darmcellen minder stevig worden, waardoor ongewenste stoffen gemakkelijker in contact komen met het immuunsysteem. Dit wordt vaak aangeduid als een verhoogde darmpermeabiliteit, in de volksmond ook wel "leaky gut" genoemd.
Wanneer dit gebeurt, kan het immuunsysteem nog sterker geactiveerd raken, waardoor ontstekingen verder kunnen toenemen en de communicatie tussen darm en brein verder verstoord kan raken.
Daarnaast kunnen ze via hun communicatie en stofwisselingsproducten invloed uitoefenen op andere bacteriën in hun omgeving. Hierdoor kan het gedrag van de gehele bacteriegemeenschap veranderen, waardoor ook normaal gunstige bacteriën zich anders gaan gedragen dan oorspronkelijk bedoeld.
Waarom dit belangrijk is
Wanneer ontstekingsstoffen, een verstoord darmbioom en veranderingen in de communicatie tussen darm en brein samenkomen, kunnen klachten blijven bestaan, zelfs wanneer de oorspronkelijke infectie allang verdwenen is. Met andere woorden:
Het probleem zit dan niet meer uitsluitend in de infectie. Het zit in het systeem dat door die infectie uit balans is geraakt.
Zo zie je hoe een verstoord darmbioom, laaggradige ontstekingen, bacteriële miscommunicatie en biofilms kunnen bijdragen aan klachten zoals angst, misselijkheid, voedselreacties, vermoeidheid en zelfs veranderingen in stemming en gedrag. Maar als bacteriën zich kunnen verschuilen in beschermende biofilms en zo jarenlang invloed kunnen uitoefenen op het darmmilieu, dan ontstaat vanzelf een nieuwe vraag:
Hoe doorbreek je zo'n biofilm?
Hoe maak je bacteriën weer zichtbaar voor het immuunsysteem? Hoe herstel je de balans in het darmmicrobioom zonder het ecosysteem verder te verstoren? En hoe ondersteun je het lichaam bij het opruimen van wat daar niet thuishoort?
Dat is precies waar we in de volgende blog naar gaan kijken.
Want voordat darm en brein weer optimaal kunnen communiceren, moet eerst de fundering worden hersteld.
